ECLI:NL:CRVB:2003:AF7477
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- J.M.A. van der Kolk-Severijns
- R.H.M. Roelofs
- Rechtspraak.nl
Intrekking van bijstandsbesluit wegens niet verstrekken van gevraagde gegevens
In deze zaak gaat het om de intrekking van een bijstandsbesluit door het College van burgemeester en wethouders van de gemeente Winterswijk. De appellante had een uitkering op basis van de Algemene bijstandswet (Abw) ontvangen, maar heeft verzuimd om belangrijke gegevens en bewijsstukken te verstrekken, ondanks herhaalde verzoeken van de gemeente. Het College heeft daarop het recht op bijstand opgeschort en de appellante in de gelegenheid gesteld om het verzuim te herstellen. Echter, de appellante heeft dit verzuim niet binnen de gestelde termijn hersteld. De Centrale Raad van Beroep overweegt dat het College verplicht was om het besluit tot toekenning van bijstand in te trekken, tenzij er dringende redenen aanwezig zouden zijn om van deze intrekking af te zien. De Raad concludeert dat er geen dringende redenen zijn aangetoond die de intrekking zouden rechtvaardigen. De Raad wijst erop dat dringende redenen in de zin van artikel 69, vijfde lid, van de Abw alleen kunnen bestaan uit onaanvaardbare sociale en/of financiële consequenties van de intrekking voor de betrokkene. Het feit dat de appellante stelt dat er sprake was van een geringe tekortkoming, levert geen dringende reden op. De Raad bevestigt de aangevallen uitspraak van de rechtbank en oordeelt dat de intrekking van de bijstandsuitkering rechtmatig was.