ECLI:NL:CRVB:2003:AI1321
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- T. Hoogenboom
- J.H. van Kreveld
- M.S.E. Wulffraat-van Dijk
- Rechtspraak.nl
Beoordeling afwijzing sollicitatie na reorganisatie binnen gemeentelijke dienst
Appellant, werkzaam sinds 1994 bij het Bureau Monumentenzorg van de gemeente, solliciteerde op de functie van hoofd van de Afdeling Plannen en Projecten na een reorganisatie. De plaatsingscommissie adviseerde negatief over zijn benoeming vanwege onvoldoende leidinggevende capaciteiten. Dit advies werd gevolgd door het College van burgemeester en wethouders, die de sollicitatie afwees bij besluit van 13 maart 2000.
Appellant maakte bezwaar tegen dit besluit, dat bij besluit van 28 juli 2000 werd gehandhaafd. Hij voerde onder meer aan dat de sollicitatieprocedure niet correct was verlopen, dat er sprake was van strijd met het Sociaal Plan en dat hij wel degelijk over voldoende leidinggevende ervaring beschikte. De Raad oordeelde dat het bestuursorgaan een ruime beoordelingsvrijheid heeft bij sollicitatieprocedures en dat de afwijzing niet onredelijk was.
De Raad stelde vast dat appellant onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat de vacature vóór zijn afwijzing voor anderen was opengesteld, dat de bezwaarprocedure een volledige heroverweging inhield en dat de leidinggevende ervaring van appellant niet aansloot bij de functie-eisen. Ook was er geen aanwijzing voor vooringenomenheid of een oneerlijke kans. De benoeming van een andere kandidaat zonder leidinggevende ervaring deed hieraan niet af.
Daarmee werd de uitspraak van de rechtbank Amsterdam bevestigd, waarbij het beroep tegen het besluit tot afwijzing van appellant gegrond was verklaard en het beroep tegen de benoeming van de andere kandidaat niet-ontvankelijk. De Raad zag geen aanleiding voor vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: De afwijzing van de sollicitatie van appellant wordt bevestigd en het beroep wordt ongegrond verklaard.