ECLI:NL:CRVB:2003:AI1531
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.A. Hoogeveen
- Rechtspraak.nl
Overlijdensuitkering en overname door UWV onder de Werkloosheidswet
De zaak betreft de vraag of de overlijdensuitkering op grond van artikel 7:674 BW Pro kan worden overgenomen door het UWV op grond van Hoofdstuk IV van de Werkloosheidswet (WW). De appellant, het UWV, had de overlijdensuitkering geweigerd over te nemen omdat deze niet als loon wordt beschouwd en niet valt binnen de periode van het dienstverband.
De rechtbank had het besluit vernietigd en geoordeeld dat de overlijdensuitkering wel onder het loonbegrip van artikel 67 WW Pro valt en dat de partner als nagelaten betrekking een recht heeft dat voortvloeit uit de dienstbetrekking. De Raad oordeelt echter dat de partner niet als werknemer in de zin van artikel 61 WW Pro kan worden aangemerkt en dat de overlijdensuitkering een eigen recht is, geen recht van de werknemer.
Daarom is het besluit van het UWV dat de overlijdensuitkering niet voor overname in aanmerking komt terecht, zij het op een onjuiste grond. Het vernietigde besluit wordt echter in rechtsgevolg geheel in stand gelaten. Het UWV wordt veroordeeld in de proceskosten van de wederpartij.
Uitkomst: De overlijdensuitkering komt niet voor overname door het UWV in aanmerking omdat de partner niet als werknemer wordt aangemerkt.