ECLI:NL:CRVB:2003:AI1658
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.I. 't Hooft
- Rechtspraak.nl
Beoordeling van de aftrekbaarheid van zak- en kleedgeld op het bijdrageplichtig inkomen in het kader van de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten
In deze zaak, behandeld door de Centrale Raad van Beroep op 20 augustus 2003, staat de vraag centraal of zak- en kleedgeld in mindering kunnen worden gebracht op het bijdrageplichtig inkomen van een appellant die in een verpleeghuis verblijft. De appellant, die in hoger beroep ging tegen een besluit van Stichting Ziekenfonds VGZ, had bezwaar gemaakt tegen de opgelegde eigen bijdrage van € 355,-- per maand voor de periode van 16 maart 2000 tot en met 30 juni 2000. Dit besluit was eerder door de rechtbank Assen ongegrond verklaard. De appellant stelde dat bij het bepalen van het bijdrageplichtige inkomen rekening gehouden moest worden met zak- en kleedgeld, evenals met andere kosten zoals autoverzekering, wegenbelasting en vaste lasten.
De Raad heeft in zijn overwegingen de argumenten van de appellant en de gedaagde tegen elkaar afgewogen. De Raad sluit zich aan bij de eerdere uitspraak van de rechtbank en stelt vast dat zak- en kleedgeld niet in mindering kunnen worden gebracht op het bijdrageplichtig inkomen. De Raad verwijst naar de relevante regelgeving en eerdere uitspraken, waarin is vastgesteld dat de wetgever een strikte regeling heeft gegeven over wat tot het bijdrageplichtig inkomen behoort en wat daarvan is uitgesloten. De Raad concludeert dat de door de appellant genoemde kosten niet in aanmerking komen voor aftrek, en bevestigt daarmee de uitspraak van de rechtbank.
De Centrale Raad van Beroep bevestigt de eerdere uitspraak van de rechtbank en oordeelt dat de eigen bijdrage van € 355,-- terecht is vastgesteld. De Raad acht geen termen aanwezig voor toepassing van artikel 8:75 van de Algemene wet bestuursrecht, wat betekent dat er geen proceskosten worden toegewezen aan de appellant. De uitspraak benadrukt de strikte regels rondom de eigen bijdrage in de zorg en de beperkte mogelijkheden voor aftrekken van kosten.