ECLI:NL:CRVB:2003:AI5653
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.G. Kasdorp
- H.R. Geerling-Brouwer
- G.J.H. Doornewaard
- Rechtspraak.nl
Beoordeling omzetting militair pensioen en toepassing Kaderwet militaire pensioenen
Betrokkene ontving tot 1 juni 2001 een ouderdomspensioen op basis van de Algemene militaire pensioenwet, die per die datum werd vervangen door de Kaderwet militaire pensioenen. De staatssecretaris voerde een omzetting door naar een nieuw pensioenstelsel op privaatrechtelijke basis, waarbij een tijdelijke garantietoeslag werd toegekend om nominale gelijkheid te waarborgen.
De rechtbank verklaarde het bezwaar van betrokkene gegrond en vernietigde het besluit van de staatssecretaris voor zover toepassing werd gegeven aan bepaalde bepalingen van de Conversieregeling, omdat deze bepalingen volgens de rechtbank niet voldeden aan de vereiste gelijkwaardigheid en welvaartsvastheid.
In hoger beroep betwistte de staatssecretaris dit oordeel en stelde dat de totale waarde van het pensioenpakket (ouderdoms- en nabestaandenpensioen) gelijkwaardig bleef, ondanks verschuivingen tussen de pensioencomponenten. De Raad oordeelde dat de wetgever met artikel 3, derde lid, van de Kaderwet bedoelde dat gekeken moet worden naar het totaal aan uitzichten op pensioen, niet naar individuele onderdelen.
De Raad vernietigde het vonnis van de rechtbank en verklaarde het hoger beroep van betrokkene ongegrond. Tevens werd geen proceskostenvergoeding toegekend. De staatssecretaris heeft daarmee voldaan aan de wettelijke voorwaarden voor de pensioenomzetting.
Uitkomst: Het hoger beroep van betrokkene wordt ongegrond verklaard en het besluit van de staatssecretaris wordt bevestigd.