ECLI:NL:CRVB:2003:AK4552
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H.A.A.G. Vermeulen
- T. Hoogenboom
- W. van den Brink
- Rechtspraak.nl
Bevestiging ontslag wegens ernstig plichtsverzuim van politieambtenaar
Appellant, werkzaam bij de gemeentepolitie sinds 1972 en hoofdmedewerker Technische Recherche, werd in 1998 aangehouden in een strafrechtelijk onderzoek naar drugshandel. Na een veroordeling in eerste aanleg tot zes maanden gevangenisstraf wegens het afleveren van cocaïne, werd hij geschorst en uiteindelijk onvoorwaardelijk ontslagen door de korpsbeheerder. In hoger beroep werd appellant vrijgesproken door het gerechtshof, maar het disciplinaire ontslag bleef gehandhaafd.
De Raad oordeelt dat de schorsing rechtmatig was gezien het lopende disciplinair onderzoek en de eerdere veroordeling. Ten aanzien van het ontslag stelde de Raad vast dat het afleveren van cocaïne niet langer aan het ontslag ten grondslag lag, maar dat ander plichtsverzuim wel terecht was vastgesteld. Dit omvatte het onderhouden van privé- en zakelijke contacten met een drugsgebruikster die in een crimineel milieu verkeerde, het ter beschikking stellen van politiegoederen zoals cocaïnetesters en een weger, het laten testen van XTC-tabletten in een politielaboratorium, en het maken van ongepaste foto's met politieapparatuur.
De Raad benadrukte dat appellant onvoldoende afstand hield tot de drugsgebruikster, zijn eigen verantwoordelijkheid niet voldoende nam door niet te overleggen met zijn chef, en zich onverantwoordelijk heeft gedragen. De combinatie van gedragingen bracht het vertrouwen in appellant ernstig in gevaar en schaadde de integriteit van het korps. De opgelegde straf van onvoorwaardelijk ontslag werd als proportioneel beoordeeld. De uitspraak van de rechtbank Dordrecht werd bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt het onvoorwaardelijk ontslag wegens ernstig plichtsverzuim.