ECLI:NL:CRVB:2003:AL3245
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Th.G.M. Simons
- J.M.A. van der Kolk-Severijns
- R.H.M. Roelofs
- Rechtspraak.nl
Beoordeling van het opstellen van een trajectplan als besluit in het kader van de Algemene bijstandswet
Appellant ontvangt sinds 1985 een bijstandsuitkering en is sinds 1992 arbeidsongeschikt, waardoor hij ontheven is van arbeidsverplichtingen. Vanaf 1996 ontstonden contacten met de gemeente over het opstellen van een trajectplan, maar appellant tekende de conceptplannen niet vanwege onenigheid over de inhoud. De gemeente besloot in 2000 geen trajectplan op te stellen, wat appellant aanvocht. De rechtbank oordeelde dat het opstellen van een trajectplan geen besluit is in de zin van de Awb, maar de Centrale Raad van Beroep vernietigt deze uitspraak.
De Raad stelt dat het trajectplan onderdeel is van het besluit tot toekenning of voortzetting van bijstand en verplichtingen voor de belanghebbende bevat, waardoor het een besluit is volgens artikel 1:3 Awb Pro. De Raad bevestigt dat het college een discretionaire bevoegdheid heeft om te bepalen of een trajectplan wordt opgesteld en dat de weigering van de gemeente om een trajectplan op te stellen in dit geval redelijk was.
De Raad verklaart het beroep ongegrond, veroordeelt de gemeente in de proceskosten van appellant in hoger beroep en bepaalt dat het betaalde griffierecht wordt vergoed. Hiermee wordt bevestigd dat het opstellen van een trajectplan een besluit is en dat de gemeente binnen haar beleidsvrijheid handelt.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering van het college om een trajectplan op te stellen wordt bevestigd.