ECLI:NL:CRVB:2003:AN1474
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- D.J. van der Vos
- R.C. Stam
- Rechtspraak.nl
Weigering Wajong-uitkering wegens minder dan 25% arbeidsongeschiktheid bevestigd met verplichting tot nader onderzoek begeleiding
Gedaagde, geboren in 1979, vroeg in 1998 een Wajong-uitkering aan wegens slechthorendheid en zwakbegaafdheid. De medische en arbeidskundige rapporten stelden dat haar arbeidsongeschiktheid minder dan 25% bedroeg. Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv) wees de aanvraag af. In de bezwaarprocedure werd aanvullende medische informatie verkregen, waarbij extra beperkingen en de noodzaak van begeleiding op de werkplek werden vastgesteld.
De rechtbank vernietigde het besluit omdat niet voldoende was gebleken van overleg tussen medisch en arbeidskundig deskundigen in de bezwaarprocedure en omdat onvoldoende was onderzocht of gedaagde met begeleiding kon functioneren. De Raad van Beroep bevestigt dit oordeel en benadrukt dat een zorgvuldige beoordeling van de benodigde begeleiding en de mogelijkheden binnen de Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten (Wet REA) achterwege is gebleven.
De Raad beveelt dat het Uwv een nieuw besluit neemt met inachtneming van deze overwegingen. Tevens veroordeelt de Raad het Uwv tot betaling van de proceskosten van gedaagde. Hiermee wordt het belang van een gedegen en integraal onderzoek naar arbeidsmogelijkheden en begeleiding bij arbeidsongeschiktheid onderstreept.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de vernietiging van het besluit en beveelt een nieuw besluit met nader onderzoek naar de benodigde begeleiding.