ECLI:NL:CRVB:2003:AN8664
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- T. Hoogenboom
- J.H. van Kreveld
- K. Zeilemaker
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing vergoeding BTW en administratiekosten militair
Appellant, een kolonel bij de Koninklijke Landmacht, verzocht om vergoeding van de bij aankoop van een nieuwe auto betaalde BTW en Franse administratiekosten. Deze vergoeding werd geweigerd door de Staatssecretaris van Defensie, waarna appellant bezwaar maakte. Het bezwaar werd ongegrond verklaard en het besluit werd door gedaagde namens de bevelhebber der Landstrijdkrachten gehandhaafd.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, maar appellant ging in hoger beroep bij de Centrale Raad van Beroep. De Raad overwoog dat de vergoeding op grond van artikel 115 van Pro het Algemeen militair ambtenarenreglement (AMAR) werd gevraagd. Appellant stelde dat het gelijkheidsbeginsel werd geschonden omdat militairen van andere krijgsmachtdelen wel vergoeding kregen.
De Raad stelde vast dat de bevoegdheid om besluiten op grond van artikel 115 AMAR Pro te nemen bij de Minister van Defensie lag, en ten tijde van het geschil bij de Staatssecretaris van Defensie. Gedaagde was niet bevoegd om het besluit te nemen of te handhaven. Daarom vernietigde de Raad het bestreden besluit en het primaire besluit en veroordeelde gedaagde in de proceskosten. De zaak werd terugverwezen voor een nieuwe beslissing door het bevoegde orgaan.
Uitkomst: Het besluit tot afwijzing van de vergoeding is vernietigd wegens onbevoegdheid en de zaak is terugverwezen voor nieuwe beslissing.