ECLI:NL:CRVB:2004:AO2457
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H.A.A.G. Vermeulen
- M.S.E. Wulffraat-van Dijk
- R. Kooper
- Rechtspraak.nl
Ontslag wegens reorganisatie en herplaatsingsverplichting bij Universiteit Twente
Appellant, werkzaam als electronicus bij de Universiteit Twente, werd ontslagen wegens opheffing van zijn functie in het kader van een reorganisatie. De reorganisatie werd gemeld op 4 maart 1998, waarna een herplaatsingstermijn van 20 maanden inging. Het ontslag werd aanvankelijk per 16 februari 2000 aangezegd, maar na bezwaar en een negatief oordeel van de toetsingscommissie werd het besluit ingetrokken en het ontslag met een verlengde herplaatsingstermijn opnieuw vastgesteld.
De toetsingscommissie oordeelde dat gedaagde onvoldoende herplaatsingsinspanningen had verricht en dat de herplaatsingstermijn moest worden verlengd. De Raad concludeert dat de herplaatsingsmaatregelen voortgezet moeten worden tot uiterlijk 30 maanden na de melding van de reorganisatie, dus tot 4 september 2000. De Raad acht onvoldoende aannemelijk dat verstoorde verhoudingen een reden zijn om de voorrangspositie van appellant bij herplaatsing te beperken.
De Raad vernietigt het ontslagbesluit en de daaraan gerelateerde uitspraken van de rechtbank, oordeelt dat gedaagde ten onrechte nagelaten heeft een passende vacature te onderzoeken en bevestigt dat de herplaatsingsverplichting voortduurt. Tevens wordt appellant een proceskostenvergoeding toegekend.
Uitkomst: Het ontslagbesluit wordt vernietigd wegens onvoldoende herplaatsingsinspanningen en de herplaatsingsverplichting loopt tot 30 maanden na melding van de reorganisatie.