ECLI:NL:CRVB:2004:AO3641

Centrale Raad van Beroep

Datum uitspraak
7 januari 2004
Publicatiedatum
4 april 2013
Zaaknummer
03/3374 WVG
Instantie
Centrale Raad van Beroep
Type
Uitspraak
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
  • M.I. 't Hooft
  • Th.G.M. Simons
  • G.M.T. Berkel-Kikkert
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Wet voorzieningen gehandicapten
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijk verklaring hoger beroep in zaak financiële tegemoetkoming aangepaste rolstoelbus

Het College van burgemeester en wethouders van de gemeente Oirschot had aan gedaagde een financiële tegemoetkoming toegekend voor de aanschaf en aanpassing van een eigen auto. Na bezwaar en beroep vernietigde de rechtbank het besluit en bepaalde dat een nieuw besluit moest worden genomen. In hoger beroep stelde appellant een schikkingsvoorstel voor een bedrag van € 38.793,22 voor een aangepaste rolstoelbus, waarmee gedaagde gedurende tien jaar in het vervoer kan voorzien.

Partijen kwamen overeen dat gedurende deze periode geen beroep zal worden gedaan op vervoersvoorzieningen, tenzij de medische situatie van gedaagde fundamenteel verandert. Tevens werd afgesproken dat bij tussentijdse beëindiging de bus in overleg wordt verkocht en de opbrengst aan de gemeente ten goede komt. Ook werd het betaalde griffierecht vergoed.

Door deze schikking is het belang bij het hoger beroep komen te vervallen. De Centrale Raad van Beroep verklaart het hoger beroep daarom niet-ontvankelijk en ziet geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.

Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het bereiken van een schikking.

Uitspraak

03/3374 WVG
U I T S P R A A K
in het geding tussen:
het College van burgemeester en wethouders van de gemeente Oirschot, appellant,
en
[gedaagde], wonende te [woonplaats], gedaagde, wettelijk vertegenwoordigd door
[zijn wettelijk vertegenwoordigers], beiden wonende te [woonplaats].
I. ONTSTAAN EN LOOP VAN HET GEDING
Bij primair besluit van 29 augustus 2001 heeft appellant aan gedaagde in het kader van de Wet voorzieningen gehandicapten (hierna: WVG) een financiële tegemoetkoming van f 41.314,21 toegekend in de kosten van de aanschaf/aanpassing van een eigen auto.
Het tegen het primaire besluit gemaakte bezwaar is door appellant bij het bestreden besluit van 4 juni 2002 ongegrond verklaard. Bij de aangevallen uitspraak van 25 juni 2003, reg.nr. 02/1624 WVG, heeft de rechtbank 's-Hertogenbosch - met een bepaling omtrent het griffierecht - het tegen het bestreden besluit ingestelde beroep gegrond verklaard, dat besluit vernietigd en bepaald dat appellant een nieuw besluit op bezwaar dient te nemen.
Appellant heeft tegen de aangevallen uitspraak hoger beroep ingesteld. Bij fax-bericht van 19 september 2003 is door appellant een schikkingsvoorstel gedaan.
Het geding is behandeld ter zitting van 24 september 2003, waar appellant zich heeft laten vertegenwoordigen door drs. W.J.M. Peters, werkzaam bij de Vereniging van Nederlandse Gemeenten, en K.M. Dekker en mr. E.J. Govaers, beiden werkzaam bij de gemeente Oirschot en gedaagde door haar wettelijke vertegenwoordigers, bijgestaan door [familielid], wonende te [woonplaats].
De Raad heeft het onderzoek ter zitting geschorst, teneinde gedaagde in de gelegenheid te stellen zich te beraden over een door appellant gedaan schikkingsvoorstel. De nadere zitting heeft plaatsgevonden op 26 november 2003, waar appellant zich heeft laten vertegenwoordigen door K.M. Dekker en gedaagde door [wettelijk vertegenwoordiger], bijgestaan door [familielid].
II. MOTIVERING
De Raad overweegt het volgende.
Tussen partijen is de volgende schikking tot stand gekomen.
Appellant stelt een bedrag ineens ter beschikking van € 38.793,22 (f 85.489,--) ter voorziening in de aanschaf- en gebruikskosten van een adequaat aangepaste rolstoelbus. Met dit bedrag wordt gedaagde in staat geacht gedurende tien jaar in het aangepaste vervoer te kunnen voorzien. In die periode zal gedaagde geen beroep doen op vervoers-voorzieningen op grond van de WVG of enige volgende regeling, tenzij de medische situatie van gedaagde zich - onvoorzien - fundamenteel wijzigt. Mocht het gebruik van de met dit bedrag aangeschafte rolstoelbus tussentijds worden beëindigd dan zal deze in overleg met appellant worden verkocht, waarbij de opbrengst aan de gemeente Oirschot ten goede zal komen. Tevens zal appellant het door gedaagde in eerste aanleg betaalde griffierecht van € 31,-- vergoeden.
Gedaagde heeft verklaard geen beroep meer te zullen doen op de aangevallen uitspraak. Appellant heeft verklaard geen beroep meer te zullen doen op het primaire besluit.
Ten slotte hebben partijen desgevraagd verklaard elkaar finale kwijting te verlenen.
Gelet op het vorenstaande bestaat thans geen belang meer bij een beoordeling van het door appellant ingestelde hoger beroep, zodat dit niet-ontvankelijk dient te worden verklaard. Voor een veroordeling in de proceskosten is geen aanleiding.
III. BESLISSING
De Centrale Raad van Beroep,
Recht doende:
Verklaart het hoger beroep niet-ontvankelijk.
Aldus gegeven door mr. M.I. 't Hooft als voorzitter en mr. drs. Th.G.M. Simons en mr. G.M.T. Berkel-Kikkert als leden, in tegenwoordigheid van I.J.M. Peereboom-Nieuwenburg als griffier, en uitgesproken in het openbaar op 7 januari 2004.
(get.) M.I. 't Hooft.
(get.) I.J.M. Peereboom-Nieuwenburg.
AP131