ECLI:NL:CRVB:2004:AO6033
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J. Janssen
- J.Th. Wolleswinkel
- G.J.H. Doornewaard
- Rechtspraak.nl
Beoordeling verzoek om terug te komen van rechtens onaantastbaar besluit inzake studiefinanciering
Appellant diende bezwaar in tegen een besluit van 19 oktober 1999 waarin de korting op de aanvullende studiefinancieringsbeurs voor zijn zoon werd vastgesteld op basis van een buitenlands inkomen. Dit bezwaar werd door gedaagde ongegrond verklaard. Het College van beroep studiefinanciering verklaarde het beroep gegrond en bepaalde dat een nieuw besluit moest worden genomen. Gedaagde verklaarde het bezwaarschrift vervolgens niet-ontvankelijk wegens niet tijdige indiening.
Appellant voerde aan dat het bezwaar tijdig was ingediend, uitgaande van de datum van daadwerkelijke verzending, maar de Raad oordeelde dat de wettelijke termijn van zes weken was verstreken. Tevens werd het bezwaarschrift door gedaagde aangemerkt als een verzoek om terug te komen van het besluit, dat werd afgewezen omdat er geen nieuwe feiten of omstandigheden waren die een herziening rechtvaardigden.
De rechtbank bevestigde dit standpunt en voerde een volle toetsing uit, maar de Raad stelde dat bij een verzoek om terug te komen van een onaantastbaar besluit de toets zich moet beperken tot de vraag of er nieuwe feiten of omstandigheden zijn. De Raad concludeerde dat gedaagde in redelijkheid tot zijn besluit kon komen en bevestigde de aangevallen uitspraken. Er werd geen toepassing gegeven aan artikel 8:75 van Pro de Awb.
Uitkomst: Het beroep van appellant wordt ongegrond verklaard en het verzoek om terug te komen wordt afgewezen wegens het ontbreken van nieuwe feiten of omstandigheden.