ECLI:NL:CRVB:2004:AO7391
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing kinderbijslag wegens ontbreken ingezetenschap en verzekering AKW
Appellant heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de Sociale Verzekeringsbank om de aanvraag van kinderbijslag voor zijn partner, betrokkene, af te wijzen. De kern van het geschil is of betrokkene op de peildata in 2002 als ingezetene van Nederland kan worden beschouwd en daarmee verzekerd is voor de Algemene Kinderbijslagwet (AKW).
Betrokkene, van Turkse nationaliteit, verbleef sinds augustus 2001 in Nederland en was ingeschreven in het bevolkingsregister. Hoewel zij een verblijfsvergunning had en juridisch gebonden was aan Nederland, was haar economische binding zwak omdat zij financieel afhankelijk was van appellant. De sociale binding was eveneens beperkt, mede doordat haar minderjarige kinderen in Turkije verbleven en zij geen inburgeringscursus had gevolgd.
De Raad oordeelde dat de sociale, economische en juridische bindingen niet voldoende waren om betrokkene als ingezetene aan te merken. Daarmee was zij niet verzekerd voor de AKW en was de afwijzing van kinderbijslag terecht. De uitspraak van de rechtbank Haarlem werd bevestigd en er waren geen gronden voor toepassing van artikel 8:75 van Pro de Algemene wet bestuursrecht.
Uitkomst: De afwijzing van de kinderbijslagaanvraag wordt bevestigd omdat betrokkene niet als ingezetene van Nederland kan worden aangemerkt.