ECLI:NL:CRVB:2004:AO7879
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.W. Schuttel
- C.W.J. Schoor
- O.J.D.M.L. Jansen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging van WAO-uitkeringsbesluit ondanks bezwaren over regionale spreiding functies in FIS-systeem
Appellant heeft bezwaar gemaakt tegen het besluit van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv) waarbij hem een WAO-uitkering werd toegekend met een mate van arbeidsongeschiktheid van 15 tot 25%. Hij voerde onder meer medische klachten en bezwaren tegen de arbeidskundige beoordeling aan, waaronder dat de functie medewerker opstellen ochtendploeg onvoldoende representatief zou zijn vanwege regionale spreiding.
De rechtbank Leeuwarden verklaarde het beroep van appellant ongegrond. Appellant stelde hoger beroep in bij de Centrale Raad van Beroep. De Raad heeft het medisch en arbeidskundig onderzoek, inclusief rapporten van verzekeringsartsen en arbeidsdeskundigen, zorgvuldig gewogen. De psychische klachten van appellant ontstonden na de datum in geding en de beperkingen werden als niet zodanig ernstig beoordeeld dat het belastbaarheidspatroon gewijzigd moest worden.
Ten aanzien van de arbeidskundige bezwaren oordeelde de Raad dat noch de WAO noch het Schattingsbesluit vereisten stellen aan regionale spreiding van functies in het FIS-systeem. De functie medewerker opstellen ochtendploeg voldeed volgens het onderzoeksrapport aan de voorwaarden voor regionale spreiding. De stelling van appellant dat het ontbreken van een wettelijke eis tot regionale spreiding een schending van het zorgvuldigheidsbeginsel zou betekenen, werd verworpen.
De Raad bevestigde daarmee het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank. Er werd geen aanleiding gezien om appellant in de proceskosten te veroordelen.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt het bestreden besluit en verklaart het hoger beroep ongegrond.