ECLI:NL:CRVB:2004:AO8047
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Th.C. van Sloten
- R.H.M. Roelofs
- C.J. Borman
- Rechtspraak.nl
Onbevoegdheid Centrale Raad inzake Tijdelijke Wet Stimulering Sociale Vernieuwing en terugvordering bijstand
Appellanten ontvingen vanaf 1994 een bijstandsuitkering die in 1996 werd voortgezet op grond van de Algemene bijstandswet (Abw). Uit onderzoek bleek dat appellante meer uren werkte dan opgegeven, wat leidde tot intrekking van de uitkering en terugvordering van onterecht betaalde bijstand en premies deeltijdwerk. De rechtbank vernietigde het besluit deels, maar liet de rechtsgevolgen over een deel van de periode in stand. Appellanten gingen in hoger beroep tegen het in stand laten van terugvordering over de periode tot juni 1996 en tegen terugvordering van premies deeltijdwerk.
De Centrale Raad oordeelt dat zij niet bevoegd is over het deel van de premie terugvordering dat onder de Tijdelijke Wet Stimulering Sociale Vernieuwing valt en zendt dat deel door naar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Ten aanzien van de terugvordering van bijstand over de periode tot 1 juni 1996 stelt de Raad vast dat appellanten de omvang van de werkzaamheden onvoldoende hebben aangetoond en dat er sprake was van schending van de inlichtingenplicht. De verklaringen van ex-werkgevers tonen aan dat appellante ongeveer 36 uur per week werkte, meer dan opgegeven.
De Raad bevestigt dat de intrekking en terugvordering van bijstand rechtmatig zijn en vernietigt het vonnis van de rechtbank voor het deel van 1 januari tot 1 juni 1996. De Raad veroordeelt de gemeente Westervoort tot betaling van proceskosten aan appellanten en bepaalt vergoeding van griffierecht. Het onderzoek werd heropend wegens onvolledigheid en partijen verschenen niet op de zitting.
Uitkomst: De Centrale Raad vernietigt het besluit tot terugvordering van bijstand over 1 januari 1996 tot 1 juni 1996 en verklaart zich onbevoegd inzake premie deeltijdwerk onder TWSSV.