ECLI:NL:CRVB:2004:AO8642
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.C. Schoemaker
- G. van der Wiel
- H.C. Cusell
- Rechtspraak.nl
Hoofdelijk aansprakelijkheid premies en termijnoverschrijding bezwaarschrift
Appellant is hoofdelijk aansprakelijk gesteld voor onbetaalde premies over 1993 en 1994 door een besloten vennootschap. Tegen dit besluit is bezwaar gemaakt, maar de Raad oordeelt dat het bezwaarschrift niet tijdig is ingediend omdat de termijn niet verlengd had kunnen worden.
De rechtbank had het besluit deels vernietigd vanwege onvoldoende motivering over 1994, maar het beroep van appellant in hoger beroep wordt gegrond verklaard vanwege de niet-naleving van de wettelijke termijn voor bezwaar. De Raad stelt dat het bestuursorgaan niet bevoegd is de termijn te verlengen en dat het indienen van een proforma-bezwaarschrift binnen de termijn mogelijk was.
De Raad vernietigt het bestreden besluit, verklaart appellant niet-ontvankelijk in zijn bezwaar, en veroordeelt het UWV tot vergoeding van de proceskosten en het griffierecht. Hiermee wordt de procedure voortgezet met inachtneming van de wettelijke termijnen.
Uitkomst: Het besluit wordt vernietigd wegens niet-naleving van de termijn voor bezwaar, appellant wordt niet-ontvankelijk verklaard en het UWV wordt veroordeeld tot proceskostenvergoeding.