ECLI:NL:CRVB:2004:AO8680
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.P.A.M. Garvelink-Jonkers
- K. Zeilemaker
- R. Kooper
- Rechtspraak.nl
Beoordeling evenredigheid disciplinaire straf wegens plichtsverzuim ambtenaar defensie
Appellant, werkzaam als plaatsvervangend hoofd bureau ondersteuning oefenende troepen bij de Dutch Army Shop NASAG, werd aanvankelijk onvoorwaardelijk ontslagen wegens plichtsverzuim, later herzien tot voorwaardelijk ontslag met terugplaatsing in een lagere salarisschaal voor onbepaalde tijd.
De rechtbank Assen stelde de duur van de lagere salarisschaal op vijf jaar, maar appellant betwistte de proportionaliteit van de straf en het onderscheid met collega’s. De Raad beoordeelde of het plichtsverzuim terecht werd vastgesteld en concludeerde dat appellant zich schuldig had gemaakt aan het aannemen van geschenken, deelname aan productinformatiedagen met voordelen, voorraadmanipulatie en het verkopen van artikelen boven het toegestane maximum.
Hoewel appellant strafrechtelijk werd vrijgesproken, oordeelde de Raad dat dit niet afdoet aan de disciplinaire aansprakelijkheid. De Raad vond de straf proportioneel, maar stelde dat de onbepaalde duur van de lagere salarisschaal niet gerechtvaardigd was en beperkte deze tot drie jaar. Tevens werd de Staat veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
De Raad stelde vast dat het verschil in straf tussen appellant en collega’s niet gerechtvaardigd was, vooral omdat het aannemen van luxe geschenken niet beduidend ernstiger was dan het declareren van lunches en diners. De uitspraak werd op 23 april 2004 openbaar uitgesproken.
Uitkomst: De terugplaatsing van appellant in een lagere salarisschaal wordt beperkt tot drie jaar en de Staat wordt veroordeeld in proceskosten.