ECLI:NL:CRVB:2004:AO8836
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- T. Hoogenboom
- M.S.E. Wulffraat-van Dijk
- R. Kooper
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit weigering benoeming in hogere groepsfunctie ambtenaren belastingdienst
Appellanten waren werkzaam als medewerkers in groepsfunctie E binnen de douanedienst en verrichtten vanaf oktober 1995 werkzaamheden die zij als passend bij groepsfunctie F beschouwen. Zij verzochten om benoeming in deze hogere functie, maar hun verzoek werd door de Staatssecretaris van Financiën afgewezen. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond.
De Raad overweegt dat appellanten pas in 1998 een verzoek met terugwerkende kracht indienden en dat het bestuursorgaan bevoegd is om een dergelijk verzoek inhoudelijk te beoordelen, maar dat toetsing aan het oorspronkelijke besluit beperkt moet blijven tot nieuw gebleken feiten of veranderde omstandigheden. Appellanten brachten geen nieuwe feiten aan voor de periode tot oktober 1998.
Voor de periode na het verzoek in 1998 oordeelt de Raad dat de door de formatiedeskundige gehanteerde methode, gebaseerd op aantallen bezwaarschriften zonder rekening te houden met de langere behandeltijd van bezwaarschriften op F-niveau, niet voldoet aan het vereiste dat minstens 50% van de werktijd aan werkzaamheden op F-niveau wordt besteed.
De Raad concludeert dat het besluit niet op een deugdelijke feitelijke grondslag berust en vernietigt het besluit en de uitspraak van de rechtbank. De Staatssecretaris wordt opgedragen opnieuw te beslissen met inachtneming van de overwegingen van de Raad. Tevens wordt de Staat veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierechten.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd en de Staatssecretaris wordt opgedragen opnieuw te beslissen met inachtneming van de uitspraak.