ECLI:NL:CRVB:2004:AO9095
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J. Janssen
- J.Th. Wolleswinkel
- G.J.H. Doornewaard
- Rechtspraak.nl
Toepassing hardheidsclausule bij weigering tegemoetkoming onderwijsbijdrage zonder gezamenlijke voogdij
Appellante vroeg voor het schooljaar 2001-2002 een tegemoetkoming in schoolkosten aan voor een minderjarig kind waarvoor zij de voogdij had, maar dat in een pleeggezin verbleef. De aanvraag werd geweigerd omdat het inkomen van appellante en haar echtgenoot bepalend werd geacht, ondanks dat zij geen gezamenlijke voogdij hadden en geen onderhoudsplicht rustte.
De rechtbank verklaarde het bezwaar gegrond en vernietigde het besluit, maar de Centrale Raad van Beroep vernietigt deze uitspraak omdat de rechtbank uitging van een onjuiste feitelijke grondslag. De Raad oordeelt dat de weigering op zich in overeenstemming is met de wet, maar dat de hardheidsclausule van de WTOS niet is toegepast.
De Raad stelt dat het onredelijk is het recht op tegemoetkoming afhankelijk te maken van het inkomen van een niet-onderhoudsplichtige wettelijk vertegenwoordiger en diens partner, omdat dit de toegankelijkheid van onderwijs kan belemmeren. Daarom moet gedaagde een nieuw besluit nemen met een inhoudelijke afweging van de hardheidsclausule.
De Raad veroordeelt gedaagde tevens in de proceskosten en bepaalt dat het betaalde griffierecht in hoger beroep wordt vergoed.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd en gedaagde dient een nieuw besluit te nemen met toepassing van de hardheidsclausule.