ECLI:NL:CRVB:2004:AP1020
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Th.G.M. Simons
- G.M.T. Berkel-Kikkert
- C.J. Borman
- Rechtspraak.nl
Beëindiging vervoersvoorziening visueel gehandicapten wegens overschrijding inkomensgrens
Appellanten, visueel gehandicapte partners, ontvingen een vervoersvoorziening in de vorm van een deelnemerspas voor collectief vervoer. Deze voorziening werd door de gemeente Bladel beëindigd omdat hun gezamenlijke inkomen de in de gemeentelijke verordening vastgestelde inkomensgrens overschrijdt.
Appellanten stelden dat zij ondanks hun inkomen recht hadden op de voorziening en dat het gelijkheidsbeginsel werd geschonden omdat bij regulier openbaar vervoer geen inkomensgrens geldt. Tevens wezen zij op de mogelijkheid van een hardheidsclausule. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en oordeelde dat de inkomensgrens niet in strijd is met de wet en dat appellanten zelf in hun vervoerskosten kunnen voorzien.
De Centrale Raad van Beroep bevestigt dit oordeel. De Raad stelt dat het stellen van inkomensgrenzen in gemeentelijke verordeningen voor vervoersvoorzieningen niet onrechtmatig is, mits dit strookt met het uitgangspunt dat gehandicapten met een hoger inkomen zelf in hun vervoerskosten kunnen voorzien. Het gelijkheidsbeginsel wordt niet geschonden omdat collectief vervoer en regulier openbaar vervoer niet vergelijkbaar zijn.
De Raad wijst erop dat appellanten gebruik kunnen maken van een deeltaxi tegen een hoger tarief en dat de hardheidsclausule niet toegepast hoeft te worden gezien het aanzienlijke inkomensverschil en de zelfstandigheid van appellanten in het openbaar vervoer. Het hoger beroep wordt afgewezen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de beëindiging van de vervoersvoorziening wegens overschrijding van de inkomensgrens.