ECLI:NL:CRVB:2004:AP1071
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J. Janssen
- J.Th. Wolleswinkel
- G.J.H. Doornewaard
- Rechtspraak.nl
Beoordeling weigering WAO-uitkering wegens reeds bestaande volledige arbeidsongeschiktheid bij aanvang verzekering
Appellante vorderde een WAO-uitkering met ingang van 6 september 1999, maar het UWV weigerde deze omdat zij bij aanvang van haar verzekering reeds volledig arbeidsongeschikt was. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en stelde vast dat de verzekering pas op 7 september 1998 begon, toen appellante in dienst trad bij de stichting.
Appellante voerde aan dat zij al eerder, op drie avonden in augustus en september 1998, werkzaamheden had verricht en dat er sprake was van een dienstbetrekking. De Raad concludeerde echter dat deze werkzaamheden proefdraaidagen waren zonder loon en dat de dienstbetrekking pas op 7 september 1998 begon.
Medische rapporten toonden aan dat de klachten en degeneratieve afwijkingen al maanden voor de aanvang van de verzekering bestonden, waardoor appellante al volledig arbeidsongeschikt was bij verzekeringsaanvang. De Raad oordeelde dat het UWV terecht gebruik maakte van zijn bevoegdheid om de WAO-uitkering te weigeren en bevestigde het eerdere vonnis.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van de WAO-uitkering omdat appellante bij aanvang van haar verzekering reeds volledig arbeidsongeschikt was.