ECLI:NL:CRVB:2004:AP1682
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- B.J. van der Net
- A.H. Hagendoorn-Huls
- Rechtspraak.nl
Vaststelling dagloon WW inclusief eenmalige CAO-uitkering
Appellant was werkzaam als schilder en ontving een vast loon per week. Bij de vaststelling van zijn WW-dagloon heeft het UWV geen rekening gehouden met een diplomatoeslag en een eenmalige uitkering op grond van de toepasselijke CAO.
De rechtbank had geoordeeld dat appellant geen recht had op de diplomatoeslag omdat het diploma niet in de CAO werd genoemd en appellant dit niet kon bewijzen. Ook werd de eenmalige uitkering buiten beschouwing gelaten omdat het UWV de vastloonbepaling toepaste.
De Centrale Raad van Beroep vernietigt dit oordeel voor zover het de eenmalige uitkering betreft. De Raad stelt dat deze uitkering loon is in de zin van de Coördinatiewet Sociale Verzekeringen en niet valt onder uitzonderingen die niet tot het loon behoren. De diplomatoeslag blijft terecht buiten beschouwing omdat appellant dit niet heeft aangetoond.
De Raad veroordeelt het UWV tot vergoeding van proceskosten en griffierechten. De uitspraak bevestigt dat een eenmalige CAO-uitkering bij de dagloonberekening moet worden betrokken, tenzij specifieke uitzonderingen van toepassing zijn.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep vernietigt het besluit voor zover de eenmalige uitkering niet is meegenomen en veroordeelt het UWV in de proceskosten.