ECLI:NL:CRVB:2004:AP2371
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G. van der Wiel
- R.C. Stam
- K.J. Kraan
- Rechtspraak.nl
Bevestiging van aanvullende premieheffing wegens te laag vastgesteld loon in dienstbetrekking
In deze zaak staat de vraag centraal of het door appellante vastgestelde loon van betrokkenen in een premieplichtige dienstbetrekking te laag is vastgesteld, wat heeft geleid tot aanvullende premieheffing door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv).
Appellante voerde aan dat betrokkenen niet verplicht verzekerd waren en dat er geen premie verschuldigd was, mede vanwege hun eerdere vennotschap in een failliete vennootschap onder firma en een optierecht op aandelen dat niet was uitgeoefend. De Raad stelde vast dat betrokkenen reeds eerder als verplicht verzekerd waren aangemerkt en dat er geen wijzigingen in de arbeidsverhouding waren die dit zouden veranderen.
De Raad oordeelde dat het optierecht onvoldoende aanleiding gaf om de verzekeringsplicht te herzien en bevestigde het bestreden besluit van aanvullende premieheffing. De aangevallen uitspraak van de rechtbank Zwolle werd daarmee bekrachtigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de aanvullende premieheffing wegens te laag vastgesteld loon.