ECLI:NL:CRVB:2004:AP2615
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.C. Schoemaker
- G. van der Wiel
- R.C. Stam
- Rechtspraak.nl
Verzoek tot niet-ontvankelijkheid wegens te laat ingediend bezwaarschrift afgewezen
De zaak betreft een hoger beroep van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen tegen een uitspraak van de rechtbank Amsterdam die het bezwaar van gedaagde tegen een besluit van 23 oktober 2001 gegrond verklaarde vanwege een verschoonbare termijnoverschrijding.
De Raad beoordeelde of het besluit van appellant om het bezwaar niet-ontvankelijk te verklaren wegens overschrijding van de zeswekentermijn op juiste gronden was genomen. De rechtbank had geoordeeld dat gedaagde als privaat persoon niet gehouden was zijn adreswijziging door te geven, waardoor de termijnoverschrijding verschoonbaar was.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde anders en stelde vast dat het besluit correct was bekendgemaakt aan het adres waar gedaagde stond ingeschreven in de gemeentelijke basisadministratie. De redenen voor het te laat indienen, waaronder het feit dat gedaagde niet meer op dat adres verbleef en dat zijn ex-echtgenote zijn post had vernietigd, waren niet toereikend om de termijnoverschrijding te verontschuldigen.
Daarom vernietigde de Raad het vonnis van de rechtbank en verklaarde het beroep ongegrond, waarbij het bezwaarschrift als te laat ingediend en niet-ontvankelijk werd beschouwd.
Uitkomst: Het bezwaarschrift is te laat ingediend zonder verschoonbare redenen, waardoor het beroep ongegrond wordt verklaard.