ECLI:NL:CRVB:2004:AP3215
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- K.J.S. Spaas
- J.W. Schuttel
- C.W.J. Schoor
- Rechtspraak.nl
Vernietiging intrekking arbeidsongeschiktheidsuitkering wegens onvoldoende onderzoek
De zaak betreft de intrekking van de arbeidsongeschiktheidsuitkering van betrokkene, die op 20 maart 1997 werd ingetrokken op basis van een arbeidsongeschiktheidspercentage van 25 tot 35%. Betrokkene was overleden, waarna zijn erven de procedure voortzetten. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, maar de Raad stelde vast dat het medisch onderzoek onvoldoende was.
De Raad benoemde een onafhankelijke psychiater, die concludeerde dat betrokkene leed aan een ernstige somatisatiestoornis die volledige arbeidsongeschiktheid veroorzaakte. Deze conclusie stond haaks op eerdere rapportages van de verzekeringsarts. De Raad volgde de onafhankelijke deskundige en oordeelde dat het besluit tot intrekking niet stand kon houden.
De Raad vernietigde het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank, en bepaalde dat de uitkering op basis van het lagere arbeidsongeschiktheidspercentage herleeft. Tevens veroordeelde de Raad het UWV tot vergoeding van de proceskosten, waaronder kosten van medische expertise en reis- en advocaatkosten.
Uitkomst: Het bestreden besluit tot intrekking van de arbeidsongeschiktheidsuitkering wordt vernietigd en het UWV wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.