ECLI:NL:CRVB:2004:AP8490
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- T. Hoogenboom
- E.W.F. Menkveld-Botenga
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening bij geschil over ontslag tijdelijk dienstverband ambtenaar
De Minister van Justitie stelde hoger beroep in tegen een uitspraak van de rechtbank Alkmaar die het ontslag van een ambtenaar in tijdelijke dienst vernietigde. De voorzieningenrechter werd verzocht een voorlopige voorziening te treffen om de werking van die uitspraak te schorsen.
De zaak betreft het tussentijds beëindigen van een tijdelijk dienstverband op grond van artikel 95, tweede lid, aanhef en onder c, van het Algemeen Rijksambtenarenreglement (ARAR). De Minister stelde dat de ambtenaar niet aan de redelijkerwijs te stellen eisen en verwachtingen voldeed en dat het vertrouwen was geschaad.
De voorzieningenrechter oordeelde dat de Minister in redelijkheid tot het ontslagbesluit kon komen vanwege het gebrek aan vertrouwen en het onvoldoende oog voor het belang van de inrichting door de ambtenaar. Gezien de belangen en de gevolgen van het herstel van het dienstverband achtte de voorzieningenrechter schorsing van de uitspraak van de rechtbank gerechtvaardigd.
De voorlopige voorziening werd toegekend, waarmee de werking van het vonnis van de rechtbank werd geschorst totdat de Centrale Raad van Beroep in de bodemprocedure uitspraak doet.
Uitkomst: De voorzieningenrechter schorst de werking van het vonnis dat het ontslag van de ambtenaar vernietigde.