ECLI:NL:CRVB:2004:AQ0438
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- Ch.J.G. Olde Kalter
- M.S.E. Wulffraat-van Dijk
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit UWV wegens overschatting arbeidsbelastbaarheid en onjuiste medische grondslag
Appellant, die sinds 1995 arbeidsongeschikt is wegens rug-, migraine- en psychische klachten, kreeg aanvankelijk een WAO-uitkering van 80-100%. Een medisch heronderzoek in 1998 leidde tot een verlaging van de arbeidsongeschiktheid naar 15-25%, gebaseerd op een belastbaarheidspatroon en arbeidskundig onderzoek. Na bezwaar stelde een bezwaarverzekeringsarts dat de psychische belastbaarheid was overschat en beperkte deze verder, waarna de WAO-uitkering werd verlaagd naar 25-35%.
De Raad vroeg een onafhankelijke psychiater een deskundigenrapport op te stellen over de psychische belastbaarheid van appellant per 1 maart 2000. De psychiater concludeerde dat appellant ernstige psychische stoornissen heeft en niet in staat is om de geselecteerde functies gedurende hele dagen uit te oefenen, hoewel beperkte werkhervatting mogelijk is.
De Raad oordeelde dat het UWV de belastbaarheid van appellant ten onrechte heeft overschat en het besluit daarom op een onjuiste medische grondslag berust. Het bestreden besluit en de eerdere uitspraak van de rechtbank worden vernietigd. Het UWV moet een nieuw besluit nemen, waarbij ook aandacht wordt besteed aan de mogelijkheid van schadevergoeding. Tevens werd het UWV veroordeeld tot betaling van proceskosten en terugbetaling van betaalde leges.
Uitkomst: Het bestreden besluit van het UWV wordt vernietigd wegens overschatting van de arbeidsbelastbaarheid en onjuiste medische grondslag; het UWV moet een nieuw besluit nemen.