ECLI:NL:CRVB:2004:AQ3714
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.W. Schuttel
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing aanvraag AAW- en WAO-uitkeringen wegens ontbreken arbeidsongeschiktheid gedurende 52 weken
Appellant verzocht om toekenning van uitkeringen op grond van de Algemene Arbeidsongeschiktheidswet (AAW) en de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (WAO). Eerder was reeds vastgesteld dat appellant niet gedurende een periode van 52 weken arbeidsongeschikt was vanaf zijn ziekmelding in februari 1987, waardoor zijn aanvraag werd afgewezen. Deze beslissing was in rechte onaantastbaar geworden.
In 1999 vroeg appellant om herkeuring en toekenning van een arbeidsongeschiktheidsuitkering, waarbij hij stelde dat er nieuwe medische inzichten bestonden over zijn aandoening fibromyalgie. Ter onderbouwing overlegde hij een medisch rapport en een tijdschriftartikel. De Raad stelde vast dat het rapport pas na het bestreden besluit bekend werd en dat het tijdschriftartikel geen nieuw feit of veranderde omstandigheid vormde.
De Raad bevestigde het bestreden besluit en oordeelde dat speculaties over gewijzigde medische en juridische inzichten geen grond vormen voor herziening van het eerdere besluit. Daarmee blijft de afwijzing van de aanvraag van appellant in stand.
Uitkomst: De afwijzing van de aanvraag voor AAW- en WAO-uitkeringen wordt bevestigd wegens het ontbreken van een periode van 52 weken arbeidsongeschiktheid.