ECLI:NL:CRVB:2004:AQ4469
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.C. Schoemaker
- G. van der Wiel
- R.C. Stam
- Rechtspraak.nl
Centrale Raad van Beroep vernietigt besluit over winstuitkeringen en premiecorrectie 1995
Appellante kwam in hoger beroep tegen een besluit van het UWV waarin een premiecorrectie en boetenota over 1995 werden gehandhaafd wegens niet in de loonadministratie verantwoorde winstuitkeringen. Zij stelde dat de winstuitkeringen eind 1994 ten laste van de winst waren gebracht en als vorderingen op haar waren geboekt, inclusief rente.
De Raad oordeelde dat het UWV onvoldoende onderzoek had gedaan naar de jaarstukken van 1994 en 1995 en dat appellante met haar stukken aannemelijk had gemaakt dat de winstuitkeringen in 1994 waren genoten. Dit leidde tot vernietiging van het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank Haarlem die het beroep ongegrond had verklaard.
De Raad veroordeelde het UWV tot vergoeding van de proceskosten van appellante en bepaalde dat het betaalde recht werd terugbetaald. De uitspraak werd gedaan door de Centrale Raad van Beroep op 15 juli 2004.
Uitkomst: Het besluit van het UWV over de premiecorrectie 1995 wordt vernietigd omdat de winstuitkeringen terecht in 1994 zijn verantwoord.