ECLI:NL:CRVB:2004:AQ5046
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- K.J.S. Spaas
- J.W. Schuttel
- C.W.J. Schoor
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering WAO-uitkering wegens minder dan 15% arbeidsongeschiktheid
Appellant verzocht om een WAO-uitkering, maar deze werd geweigerd omdat hij op 31 mei 2001 minder dan 15% arbeidsongeschikt was. Na bezwaar en een uitspraak van de rechtbank die het besluit bevestigde, ging appellant in hoger beroep bij de Centrale Raad van Beroep.
De Raad beoordeelde of de rechtbank voldoende aandacht had besteed aan alle door appellant aangevoerde argumenten en concludeerde dat de kern van de bezwaren wel degelijk was beoordeeld. De medische en arbeidskundige grondslagen van het besluit werden als toereikend en juist beschouwd, mede gebaseerd op rapporten van verzekeringsartsen.
Appellants standpunt dat een andere maatmanfunctie dan de laatst vervulde zou moeten gelden, werd verworpen, omdat de Raad vasthoudt aan de functie die direct voorafging aan de arbeidsongeschiktheid. De Raad zag geen aanleiding om het bestreden besluit te vernietigen en bevestigde de uitspraak van de rechtbank.
De Raad oordeelde dat er geen gronden waren voor toepassing van artikel 8:75 Awb Pro en dat appellant geen nieuwe medische gegevens had overgelegd die het oordeel zouden kunnen veranderen. Het beroep werd ongegrond verklaard en het bestreden besluit gehandhaafd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van de WAO-uitkering wegens minder dan 15% arbeidsongeschiktheid.