ECLI:NL:CRVB:2004:AQ6263
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J. Janssen
- G.J.H. Doornewaard
- W.M. Levelt-Overmars
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen niet-ontvankelijkheid hoger beroep wegens te late betaling griffierecht
Opposant heeft hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Amsterdam, maar dit hoger beroep werd door de Raad niet-ontvankelijk verklaard omdat het griffierecht niet tijdig was betaald. Tegen deze beslissing heeft opposant verzet aangetekend.
De Raad overwoog dat het griffierecht uiterlijk op 29 december 2003 betaald had moeten zijn, maar dat de betaling pas op 7 januari 2004 was bijgeschreven. Opposant voerde aan dat hij de brief van de griffier op 9 december 2003 ontving en een familielid in Nederland opdracht gaf om het griffierecht over te maken, wat op 6 januari 2004 gebeurde. Tevens werd gewezen op mogelijke vertragingen in het postverkeer tussen Nederland en Marokko.
De Raad vond echter geen aannemelijk bewijs dat de vertraging in het postverkeer de late betaling rechtvaardigde. Er werd geen verontschuldiging voor de overschrijding van de betalingstermijn gegeven en daarom werd het verzet ongegrond verklaard. Er waren geen gronden om toepassing te geven aan artikel 8:75 van Pro de Algemene wet bestuursrecht.
Uitkomst: Het verzet tegen de niet-ontvankelijkverklaring van het hoger beroep wegens te late betaling van het griffierecht is ongegrond verklaard.