ECLI:NL:CRVB:2004:AQ6767
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.W.J. Schoor
- Rechtspraak.nl
Bevestiging van juiste vaststelling beperkingen door verzekeringsarts in WAO-uitkeringszaak
Appellante heeft hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank Assen die het bezwaar tegen het besluit van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (UWV) ongegrond verklaarde. Het betrof de weigering van een WAO-uitkering omdat appellante volgens het UWV minder dan 15% arbeidsongeschikt was per 19 mei 2000.
In hoger beroep stelde appellante dat zij ten tijde van de datum in geding ernstige psychische klachten had en opname dreigde, waardoor zij niet in staat was tot gangbare arbeid. Zij verwees naar verklaringen van haar psycholoog en therapeuten die haar beperkingen zouden ondersteunen.
De Raad oordeelde echter dat de beperkingen zoals vastgesteld door de bezwaarverzekeringsarts juist waren en dat de arbeidsmogelijkheden niet waren overschat. De aanvullende rapportage van de verzekeringsarts bevestigde dit beeld en de door appellante aangedragen gegevens waren onvoldoende om het belastbaarheidspatroon te wijzigen. De Raad kon niet vaststellen dat opname dreigde zoals appellante betoogde.
Daarmee werd het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank bevestigd en werd het beroep ongegrond verklaard.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat de beperkingen juist zijn vastgesteld en wijst het beroep af.