ECLI:NL:CRVB:2004:AQ8685
Centrale Raad van Beroep
- Eerste aanleg - meervoudig
- C.G. Kasdorp
- G.L.M.J. Stevens
- M. Greebe
- Rechtspraak.nl
Afwijzing erkenning als burger-oorlogsslachtoffer wegens ontbreken oorlogsgeweld
De zaak betreft het beroep van de erven van betrokkene tegen het besluit van de Pensioen- en Uitkeringsraad om de aanvraag tot erkenning als burger-oorlogsslachtoffer af te wijzen. Betrokkene, geboren in 1940 in voormalig Nederlands-Indië, had zijn verblijf in een opvangkamp en het meemaken van beschietingen en mishandelingen tijdens de Bersiap-periode als oorlogservaringen aangevoerd.
De Raad oordeelt dat niet is aangetoond dat betrokkene direct betrokken was bij de genoemde incidenten en dat gebeurtenissen na de soevereiniteitsoverdracht in 1949 buiten de werkingssfeer van de Wet vallen. Hoewel de omstandigheden angstig waren, zijn deze niet gelijk te stellen met de specifieke gebeurtenissen die de Wet vereist voor erkenning.
Verder stelt de Raad dat het verblijf in het kamp Sumber Waras, een opvangkamp voor vrouwen en kinderen zonder middelen, niet als calamiteit in de zin van de Wet kan worden beschouwd. De algemene ontwrichting van het gezinsleven en de armoede tijdens de bezetting en Bersiap-periode leiden niet tot erkenning.
De Raad concludeert dat het bestreden besluit terecht is genomen en dat er geen grond is voor vernietiging. De gezondheidsklachten van betrokkene behoefden daarom niet te worden beoordeeld. Het beroep wordt ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de erkenning als burger-oorlogsslachtoffer wordt afgewezen.