ECLI:NL:CRVB:2004:AQ8792
Centrale Raad van Beroep
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- G.L.M.J. Stevens
- Rechtspraak.nl
Beoordeling herziening uitkering vervolgingsslachtoffers en ingangsdatum herzieningsbesluit
Eiser, erkend als vervolgde in de zin van de Wet uitkeringen vervolgingsslachtoffers 1940-1945, verzocht om herziening van de grondslag van zijn uitkering op basis van loonstaten waaruit bleek dat overwerkinkomsten niet waren meegenomen.
Verweerster herzag de grondslag ingaande 1 februari 2002, maar verleende geen terugwerkende kracht verder dan de maand van het verzoek, conform haar beleid dat alleen bij ambtelijke fouten terugwerkende kracht tot vijf jaar wordt toegekend.
De Raad overwoog dat geen ambtelijke fout aanwezig was omdat eiser niet alle relevante gegevens had verstrekt en verweerster niet nalatig was. Ook de stellingen van eiser over onjuiste informatie en psychische problemen rechtvaardigden geen uitzondering.
De Raad concludeerde dat het besluit van verweerster om geen verdere terugwerkende kracht te verlenen redelijk was en dat het beroep ongegrond verklaard moest worden.
Proceskostenvergoeding werd niet toegekend.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en het herzieningsbesluit met ingang van 1 februari 2002 blijft in stand zonder verdere terugwerkende kracht.