ECLI:NL:CRVB:2004:AR2730
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.A. Hoogeveen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering WW-uitkering wegens niet voldoen aan referte-eis bij seizoenarbeid
Appellant heeft beroep ingesteld tegen de weigering van een WW-uitkering per 3 januari 2000, omdat hij niet voldeed aan de referte-eis zoals bedoeld in artikel 17, onder a, van de Werkloosheidswet (WW). Hij voerde aan dat zijn werkzaamheden als account-manager kerstpakketten seizoensarbeid betreffen en dat het Besluit verlaagde wekeneis daarop van toepassing zou moeten zijn.
De Raad overweegt dat de werkzaamheden niet onder de categorieën van het Besluit vallen en dat het bedrijf van appellant niet kan worden aangemerkt als een winkelbedrijf zoals bedoeld in het besluit. Een ruime uitleg van het begrip winkelbedrijf wordt verworpen vanwege het limitatieve karakter van de opsomming in het Besluit.
Verder wijst de Raad het betoog van appellant over verboden discriminatie en schending van Europees recht af, omdat er voldoende objectieve rechtvaardiging is voor het onderscheid tussen wel en niet genoemde groepen seizoenwerknemers. De Raad bevestigt daarom het bestreden besluit en wijst het beroep af.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van de WW-uitkering wegens niet voldoen aan de referte-eis en niet-toepassing van het Besluit verlaagde wekeneis.