ECLI:NL:CRVB:2004:AR2741
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.G. Kasdorp
- G.L.M.J. Stevens
- T. Hoogenboom
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag uitkering Stichting Maror-gelden wegens termijnoverschrijding
Appellant heeft een aanvraag ingediend voor een uitkering op grond van het Uitkeringsreglement Individuele Uitkeringen Stichting Maror-gelden Overheid. Deze aanvraag werd afgewezen omdat deze niet binnen de sluitingstermijn van 1 januari 2002 was ontvangen. Zowel de rechtbank als de Centrale Raad van Beroep oordeelden dat de sluitingstermijn niet onredelijk was en dat er geen reden was deze te verlengen.
Appellant voerde aan niet op de hoogte te zijn geweest van de sluitingsdatum en vond het onredelijk dat hem de uitkering werd onthouden, mede omdat de Duitse overheid pas na vele jaren tot uitkering van smartengeld was overgegaan. De Raad stelde echter vast dat de Nederlandse regering het bedrag beschikbaar stelde en dat ruime bekendheid was gegeven aan de aanvraagtermijn via diverse media en instellingen.
De hardheidsclausule in het reglement biedt weliswaar de mogelijkheid om termijnoverschrijding te passeren, maar in dit geval was de overschrijding niet verschoonbaar. De Raad bevestigde daarom het besluit van de Stichting en wees het beroep af. Tevens werd geen proceskostenvergoeding toegekend.
Uitkomst: De aanvraag voor een uitkering werd afgewezen wegens niet tijdige indiening en de termijnoverschrijding werd niet verschoonbaar geacht.