ECLI:NL:CRVB:2004:AR2919
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- D.J. van der Vos
- Rechtspraak.nl
Bevestiging WAO-besluit over mate van arbeidsongeschiktheid van 45 tot 55 procent
Appellant heeft hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank ’s-Hertogenbosch waarin het besluit van het UWV werd bevestigd dat zijn mate van arbeidsongeschiktheid per 15 november 2001 tussen 45 en 55 procent ligt.
De Raad heeft het medisch dossier en de arbeidskundige rapportages beoordeeld, waaronder de rapportage van de bezwaarverzekeringsarts en de behandelend internist. De Raad concludeert dat de beperkingen van appellant zorgvuldig zijn beoordeeld en dat de functies die hij geacht wordt te kunnen verrichten passend zijn.
Appellant voerde aan dat zijn diabetes, doorbloedingsstoornissen, maagzweer en reuma onvoldoende zijn meegewogen en dat zijn oogklachten en loopvermogen zijn verslechterd. De Raad acht echter het medisch onderzoek en de arbeidskundige beoordeling voldoende en ziet geen aanleiding voor een nader medisch onderzoek.
De Raad bevestigt het besluit en wijst erop dat appellant vrij staat om bij verslechtering een nieuwe beoordeling aan te vragen. De uitspraak van de rechtbank wordt daarmee bekrachtigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat de arbeidsongeschiktheid van appellant per 15 november 2001 45 tot 55 procent bedraagt.