ECLI:NL:CRVB:2004:AR3827
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- T. Hoogenboom
- H. Bolt
- A.W.M. Bijloos
- Rechtspraak.nl
Beoordeling overgang van onderneming bij faillissement en loonbetalingsverplichtingen
In deze zaak staat centraal of er sprake is van overgang van onderneming in de zin van artikel 7:662 e.v. BW voorafgaand aan het faillissement van de werkgeefster. De werknemer vordert overname van loonbetalingsverplichtingen door het uitzendbureau dat de activiteiten van de failliete werkgeefster zou hebben overgenomen.
De rechtbank oordeelde dat onvoldoende vaststaat dat sprake is van een overgang van onderneming en verklaarde het beroep van de werknemer gegrond. De Raad overweegt dat de activiteiten van de werkgeefster niet zodanig zijn overgenomen dat de rechten en verplichtingen uit de arbeidsovereenkomst automatisch zijn overgegaan op het uitzendbureau.
De Raad benadrukt dat het feit dat uitzendkrachten en klanten zich via een voormalige werknemer bij het uitzendbureau hebben aangemeld, onvoldoende is om te spreken van een overgang van onderneming. De stelling van de appellant dat er wel sprake is van overgang faalt, en het bestreden besluit wordt bevestigd met de opdracht tot heroverweging.
Uitkomst: Geen overgang van onderneming vastgesteld, loonbetalingsverplichtingen zijn niet overgegaan op het uitzendbureau.