ECLI:NL:CRVB:2004:AR4352
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- B.J. van der Net
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering verhoging WAO-dagloon wegens onvoldoende bewijs chauffeursbeloning
Appellant heeft hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank die het standpunt van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv) steunde inzake de hoogte van zijn WAO-dagloon. Het geschil betreft de vraag of een extra vergoeding voor werkzaamheden als chauffeur personeelsvervoer moet leiden tot een verhoging van het dagloon.
De Raad overweegt dat de extra vergoeding als loon voor bijkomende werkzaamheden moet worden aangemerkt en buiten het toepassingsbereik van het relevante artikel van de Algemene dagloonregelen valt. Tevens is onvoldoende bewijs geleverd om een hogere vergoeding aan te nemen, mede doordat het bedrijf waar appellant werkte failliet is gegaan en er geen overtuigend getuigenbewijs is.
De Raad bevestigt dat zonder concrete en verifieerbare schriftelijke gegevens een verhoging van het WAO-dagloon niet kan worden toegewezen. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bekrachtigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.