ECLI:NL:CRVB:2004:AR4417
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.C. Schoemaker
- G. van der Wiel
- R.C. Stam
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing verzoek tot herziening vaststelling dagloon WW-uitkering
Appellant was werkzaam als bitumenchauffeur en ontving een WW-uitkering op basis van een vastgesteld dagloon. Hij verzocht om herziening van dit dagloon, stellende dat er geen sprake was van seizoenarbeid en dat overuren ten onrechte buiten beschouwing waren gelaten.
Het bestuursorgaan weigerde het verzoek, waarna appellant beroep instelde bij de rechtbank Breda, die het beroep ongegrond verklaarde. In hoger beroep bij de Centrale Raad van Beroep werd het verzoek eveneens afgewezen omdat appellant geen nieuwe feiten of omstandigheden had aangevoerd die herziening rechtvaardigen.
De Raad benadrukte dat een verzoek tot terugkomen op een besluit zich beperkt tot nieuwe feiten of omstandigheden die zich hebben voorgedaan voorafgaand aan het verzoek. De stelling van appellant dat het dagloon later verhoogd werd, vormt geen nieuw feit in deze zin. De Raad zag geen aanleiding voor proceskostenveroordeling en bevestigde het bestreden besluit.
Uitkomst: Het verzoek om terug te komen op het besluit tot vaststelling van het dagloon wordt afgewezen wegens het ontbreken van nieuwe feiten of omstandigheden.