ECLI:NL:CRVB:2004:AR4644
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch.J.G. Olde Kalter
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking WAO-uitkering ondanks beperkingen en afwijzing benoeming psychiater
Appellante, die wegens psychische en lichamelijke klachten arbeidsongeschikt was verklaard, kreeg haar WAO-uitkering ingetrokken omdat zij volgens deskundigen in staat werd geacht passende arbeid te verrichten. Na bezwaar en beroep bevestigde de rechtbank dit besluit. In hoger beroep voerde appellante aan dat onvoldoende rekening was gehouden met haar nek- en rugklachten en dat er aanwijzingen waren voor psychische klachten, waarvoor zij een psychiater wilde laten benoemen.
De Raad liet een revalidatiearts een onderzoek uitvoeren, die concludeerde dat ondanks degeneratieve afwijkingen de functionele mogelijkheden van appellante goed waren en zij geschikt was voor meerdere functies. De Raad volgde het oordeel van deze onafhankelijke deskundige en vond geen reden een psychiater te benoemen, mede omdat eerdere rapportages geen ernstige psychopathologie aantoonden en de huisarts geen verwijzing naar een psychiater had gedaan.
De Raad oordeelde dat het hoger beroep niet slaagt en bevestigde het bestreden besluit tot intrekking van de WAO-uitkering. Er was geen grond voor toepassing van artikel 8:75 Awb Pro. Het verzoek tot benoeming van een psychiater werd afgewezen, waarmee de uitspraak in stand bleef.
Uitkomst: De intrekking van de WAO-uitkering wordt bevestigd en het verzoek tot benoeming van een psychiater wordt afgewezen.