ECLI:NL:CRVB:2004:AR4667
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.W. Schuttel
- C.W.J. Schoor
- F.J.L. Pennings
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid bezwaar college B en W tegen WAO-besluiten wegens ontbreken belanghebbende hoedanigheid
De zaak betreft de vraag of het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Overbetuwe als belanghebbende kan worden aangemerkt in bezwaarprocedures tegen besluiten van het UWV over WAO-uitkeringen van gemeente-ambtenaren. Het UWV had het college niet-ontvankelijk verklaard in haar bezwaren omdat het geen rechtstreeks belanghebbende zou zijn.
De rechtbank Arnhem had de bezwaren van het college op naam van de gemeente gesteld en het UWV- besluit vernietigd. Het college stelde dat door delegatie van bevoegdheden van de gemeenteraad aan het college het college als belanghebbende moest worden gezien. Het UWV betoogde dat alleen de gemeente als werkgever belanghebbende is en dat het college slechts namens de gemeente optreedt.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat het college niet als zelfstandige belanghebbende kan worden aangemerkt en dat het UWV terecht de bezwaren niet-ontvankelijk heeft verklaard. De Raad vernietigde de uitspraken van de rechtbank en verklaarde de beroepen van het college ongegrond. De Raad benadrukte dat het college wel bevoegd is tot het instellen van bezwaar namens de gemeente, maar niet op eigen naam als belanghebbende optreedt.
Uitkomst: De bezwaren van het college van burgemeester en wethouders zijn niet-ontvankelijk verklaard omdat het college niet als belanghebbende kan worden aangemerkt.