ECLI:NL:CRVB:2004:AR5318
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering kinderbijslag wegens ontbreken verzekering volgens AKW
Appellante, woonachtig in Marokko en weduwe sinds augustus 2001, heeft bezwaar gemaakt tegen de weigering van kinderbijslag vanaf het vierde kwartaal van 2001. De Sociale verzekeringsbank had deze uitkering geweigerd omdat appellante niet verzekerd was volgens de Algemene Kinderbijslagwet (AKW), aangezien zij niet in Nederland woonde en geen loonbelasting in Nederland betaalde.
De rechtbank Amsterdam verklaarde het beroep ongegrond en stelde vast dat appellante niet verzekerd was onder de AKW, ook niet op grond van het Besluit uitbreiding en beperking kring verzekerden volksverzekeringen (KB 746). De overgangsregeling in artikel 27 van Pro KB 746 was niet van toepassing omdat appellante voor 1 januari 2000 niet verzekerd was.
De Centrale Raad van Beroep onderschrijft dit oordeel en wijst het hoger beroep af. Tevens merkt de Raad op dat de echtgenoot van appellante tot zijn overlijden wel verzekerd was onder de AKW en dus recht had op kinderbijslag. De Raad ziet geen aanleiding voor vergoeding van proceskosten en bevestigt het bestreden besluit.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en het besluit dat appellante geen recht heeft op kinderbijslag bevestigt.