ECLI:NL:CRVB:2004:AR5561
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- B.J. van der Net
- Rechtspraak.nl
Bevestiging schatting aanvullende premiecorrecties wegens ondeugdelijke loonadministratie horecaondernemer
Appellant, een horecaondernemer, voerde een ondeugdelijke loonadministratie over de jaren 1994 tot en met 1998, waarbij betalingen buiten de administratie om aan werknemers zijn gedaan. Naar aanleiding van een fraudeonderzoek heeft het UWV op basis van een looninspectierapport aanvullende premiecorrecties opgelegd.
De rechtbank verklaarde het bezwaar van appellant ongegrond, waarna appellant hoger beroep instelde bij de Centrale Raad van Beroep. De Raad overweegt dat het UWV op grond van omzetgegevens, getuigenverklaringen en administratieve bescheiden schattenderwijs premies mag vaststellen indien de administratie niet betrouwbaar is.
De Raad wijst de grieven van appellant af, waaronder de stelling dat verklaringen onder druk zijn afgelegd en dat alleen jongere werknemers zijn gehoord. Ook het argument dat een vaststellingsovereenkomst met de Belastingdienst een lagere schuld vaststelt, leidt niet tot andere beoordeling. De Raad bevestigt de uitspraak van de rechtbank en verklaart het beroep ongegrond.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat de schatting van aanvullende premiecorrecties door het UWV terecht is vanwege ondeugdelijke loonadministratie.