ECLI:NL:CRVB:2004:AR5768
Centrale Raad van Beroep
- Voorlopige voorziening
- H.A.A.G. Vermeulen
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening inzake herziening ontslaguitkering
Verzoeker heeft bij de Centrale Raad van Beroep een verzoek ingediend tot herziening van een eerdere uitspraak waarin werd geoordeeld dat hij vanaf 1 april 1988 niet langer als werkloos kon worden beschouwd en de ontslaguitkering vervallen werd verklaard. Verzoeker stelde dat hij per 16 november 1995, de dag dat hij 55 jaar werd, niet langer beschikbaar hoefde te zijn voor de arbeidsmarkt en overlegd stukken ter onderbouwing.
De voorzieningenrechter overwoog dat een verzoek tot herziening slechts kan slagen indien nieuwe feiten of omstandigheden worden aangevoerd die voor de uitspraak niet bekend waren en die tot een andere uitspraak hadden kunnen leiden. De door verzoeker aangevoerde feiten en stukken waren echter redelijkerwijs vóór de uitspraak bekend en hadden toen ingebracht kunnen worden.
De voorzieningenrechter benadrukte dat het rechtsmiddel van herziening niet bedoeld is voor een hernieuwde discussie over reeds beoordeelde besluiten zonder nieuwe feiten. Gezien het voorgaande werd het verzoek om een voorlopige voorziening afgewezen en is er geen aanleiding voor toepassing van artikel 8:75 Awb Pro.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat het niet aannemelijk is dat het verzoek tot herziening zal slagen.