ECLI:NL:CRVB:2004:AR6813
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.C. Schoemaker
- G. van der Wiel
- R.C. Stam
- Rechtspraak.nl
Beoordeling privaatrechtelijke dienstbetrekking en onkostenvergoeding in socialezekerheidsrecht
Het bestuursorgaan heeft premienota's en boetenota's opgelegd aan belanghebbende over de jaren 1994 tot en met 1999, gebaseerd op een looncontrole. De rechtbank oordeelde dat tot 12 september 1996 sprake was van een privaatrechtelijke dienstbetrekking voor bepaalde betrokkenen, maar vernietigde het besluit voor de periode van 12 september 1996 tot 29 november 1996 vanwege een onjuiste feitelijke grondslag.
De Centrale Raad van Beroep heeft het hoger beroep behandeld en geoordeeld dat ook na 12 september 1996 de mogelijkheid van gezagsuitoefening door de algemene vergadering van aandeelhouders bestond, waardoor de privaatrechtelijke dienstbetrekking bleef bestaan. Tevens werd geoordeeld dat de onkostenvergoeding voor parkeer-, tol- en veergelden niet afzonderlijk kan worden toegekend naast een vergoeding voor zakelijke kilometers.
Met betrekking tot waskosten oordeelde de Raad dat belanghebbende onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat deze kosten in verband staan met de dienstbetrekking. De Raad verwierp het beroep van belanghebbende en wees het beroep van het bestuursorgaan toe, waarmee het besluit van 26 juni 2000 grotendeels werd bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep van belanghebbende wordt afgewezen en het hoger beroep van het bestuursorgaan toegewezen, waarbij het besluit van 26 juni 2000 grotendeels wordt bevestigd.