ECLI:NL:CRVB:2004:AR7386
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G. van der Wiel
- R.C. Stam
- C.P.M. van de Kerkhof
- Rechtspraak.nl
Bevestiging correctienota's en boetenota's wegens onjuiste toepassing Horeca-CAO en Fooienbesluit
Appellante, een onderneming in de horecasector, kreeg na een looncontrole correctienota's en boetenota's opgelegd door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv) wegens het niet juist toepassen van de Horeca-CAO. Hierbij was vastgesteld dat hulpkrachten niet het wettelijk minimumloon ontvingen, waarbij het verschil werd gecompenseerd met fooien volgens het Fooienbesluit.
Appellante voerde in hoger beroep aan dat zij mocht vertrouwen op eerdere looncontroles bij haar zusteronderneming, waarbij geen correcties waren opgelegd, en beriep zich op het vertrouwensbeginsel. De Raad oordeelde echter dat deze eerdere controles niet relevant waren voor de huidige situatie, omdat het horecapersoneel in het controlejaar 1995 al niet meer bij de zusteronderneming werkte en het Fooienbesluit destijds niet aan de orde was.
De Raad concludeerde dat er geen sprake was van gewekt vertrouwen door het bestuursorgaan en dat de correcties en boetes terecht waren opgelegd. Het beroep werd ongegrond verklaard en de eerdere uitspraak van de rechtbank Arnhem bevestigd. Tevens werd geen aanleiding gezien om toepassing te geven aan artikel 8:75 van Pro de Algemene wet bestuursrecht.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de correctienota's en boetenota's en wijst het beroep op het vertrouwensbeginsel af.