ECLI:NL:CRVB:2004:AR7610
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- B.J. van der Net
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- M.C.M. van Laar
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vernietiging boete wegens niet-naleving loonopgaveverplichting volgens Coördinatiewet Sociale Verzekering
De zaak betreft een hoger beroep van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen tegen een uitspraak van de rechtbank Rotterdam, waarin een boete van €165 werd vernietigd. De boete was opgelegd omdat gedaagde, een vennootschap onder firma, volgens appellant niet had voldaan aan de verplichting om wijzigingen in de loonsom tijdig te melden conform artikel 10 van Pro de Coördinatiewet Sociale Verzekering (CSV).
De Raad stelt vast dat gedaagde twee geprognosticeerde aangiften had ingediend, waarvan er slechts één was verwerkt door appellant. De boete was gebaseerd op een verschil van meer dan 5% tussen de voorschotpremie en de definitief vastgestelde premie, waarbij ook een drempelbedrag werd overschreden. Appellant stelde dat gedaagde geen gebruik had gemaakt van de voorgeschreven voorschotcorrectieformulieren, wat volgens hem de boete rechtvaardigde.
De Centrale Raad overweegt echter dat de wettelijke verplichting om wijzigingen in de loonsom te melden niet beperkt is tot het gebruik van deze formulieren; mededeling kan ook schriftelijk, per fax of elektronisch worden gedaan. Er is geen bewijs dat appellant gedaagde had geïnformeerd over een verplichte gebruik van de formulieren. De Raad sluit zich aan bij de rechtbank dat de boete onterecht is opgelegd en bevestigt de vernietiging van het boetebesluit.
Daarnaast veroordeelt de Raad appellant in de proceskosten van gedaagde, vastgesteld op €322, en legt een griffierecht van €409 op aan appellant. De uitspraak is gedaan door mr. B.J. van der Net, mr. drs. N.J. van Vulpen-Grootjans en mr. M.C.M. van Laar op 2 december 2004.
Uitkomst: De boete van €165 wordt vernietigd en appellant wordt veroordeeld in de proceskosten van gedaagde.