ECLI:NL:CRVB:2004:AR8176
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G. van der Wiel
- R.C. Stam
- E. Aardema
- Rechtspraak.nl
Vaststelling gedifferentieerde WAO-premie bij overgang van onderneming
Belanghebbende nam per 1 juni 2000 een partycentrum over dat voorheen door een andere partij werd geëxploiteerd, inclusief een cateringbedrijf dat mogelijk per 1 januari 1999 door een derde was overgenomen. De gedifferentieerde WAO-premie werd vastgesteld op basis van WAO-uitkeringen toegekend aan werknemers die arbeidsongeschikt werden tijdens hun dienstverband bij de oorspronkelijke onderneming.
De rechtbank oordeelde dat het bestuursorgaan het Besluit premiedifferentiatie WAO correct had toegepast en dat de premies terecht waren vastgesteld, hoewel het beroep van belanghebbende op het rechtszekerheidsbeginsel deels werd gehonoreerd. De Centrale Raad van Beroep vernietigt echter de uitspraak van de rechtbank, oordeelt dat het bestuursorgaan terecht de premies heeft vastgesteld en dat de premies ook de WAO-uitkeringen van werknemers van het cateringbedrijf omvatten.
De Raad stelt dat het besluit van 23 mei 2001 evident onjuist was en dat het bestuursorgaan het recht had dit te herstellen met het besluit van 18 juni 2001. Het beroep tegen het besluit van 10 april 2001 is niet-ontvankelijk verklaard, het beroep tegen het besluit van 18 juni 2001 ongegrond. De Raad bevestigt dat de overgang van onderneming leidt tot toerekening van WAO-uitkeringen aan de overnemende werkgever, ook als een deel van de onderneming door een derde is overgenomen.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende wordt niet-ontvankelijk verklaard voor het besluit van 10 april 2001 en ongegrond voor het besluit van 18 juni 2001; de vastgestelde gedifferentieerde premie blijft gehandhaafd.