ECLI:NL:CRVB:2004:AS2039
Centrale Raad van Beroep
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- H.R. Geerling-Brouwer
- Rechtspraak.nl
Afwijzing erkenning burger-oorlogsslachtoffer wegens ontbreken blijvende invaliditeit
Eiser heeft meerdere aanvragen ingediend om erkend te worden als burger-oorlogsslachtoffer op grond van zijn internering tijdens de Bersiap-periode in voormalig Nederlands-Indië. Verweerster wees de aanvragen af omdat algemene oorlogsomstandigheden niet onder de Wet vallen en er onvoldoende bewijs was voor blijvende invaliditeit door de internering.
Na onderzoek stelde verweerster vast dat eiser slechts kortdurend geïnterneerd was in kamp Gandjoeran, wat als calamiteit werd aangemerkt, maar dat er geen blijvende lichamelijke of psychische invaliditeit was vastgesteld. Eiser voerde aan dat zijn psychische invaliditeit voortkwam uit zijn oorlogservaringen, maar de Raad vond onvoldoende medische aanwijzingen om dit te onderbouwen.
De Raad overwoog dat alleen de internering in kamp Gandjoeran relevant was voor de beoordeling, terwijl andere oorlogsomstandigheden en traumatiserende gebeurtenissen buiten beschouwing moesten blijven. De medische adviezen bevestigden dat de korte internering niet tot blijvende invaliditeit had geleid. Daarom verklaarde de Raad het beroep ongegrond.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt ongegrond verklaard wegens het ontbreken van blijvende invaliditeit door internering.